Een bezoek aan het Longneck-volk. Cultuur of aapjes kijken?

Lang geleden toen corona nog ver in het verschiet lag reisde ik van Chiang Mai naar het schilderachtige Mae Hong Son niet zo heel ver van de Birmese grens. Een bezoek aan het zogeheten Longneck-volk dat in die contreien woont mag niet ontbreken, volgens de Lonely Planet Gids Thailand, destijds mijn reisbijbel. Dus kochten mijn reisgezel en ik bij een van de vele reisbureautjes een ticket voor een dagtour, waaronder ‘Longneck-Village’.

Een onbehaaglijk gevoel kruipt langs mijn bezwete rug als de minibus vroeg in de ochtend bij een hek parkeert. De weg is zanderig, de zon nu al meedogenloos. Achter een kassa in een houten vierkanten huisje zit een stuurs kijkende vrouw. Onze reisgenoten zijn een Spaans stel en twee Duitse backpacksters. Voor ongeveer zes euro krijgen we een toegangskaartje met een stempel met daarop twee wevende longneck-dames. Het bezoek aan Longneck-village kan beginnen.

Een bezoek aan het Longneck-volk. Cultuur of aapjes kijken?

Animisme

Vrouwen en jonge meisjes met de befaamde ringen om hun nek zitten al op hun klanten te wachten achter een sliert marktkramen. Volgestouwd met tassen, kleden, poppetjes, houtsnijwerk, sieraden, snuisterijen, zelf-geweven stoffen, kleding en natuurlijk de ringen. Het is rustig in het stoffige dorpje, met hier en daar wat plukjes toeristen, een olifant aan een ketting en in de verte een kerkje. Veel Karen zijn namelijk Christen geworden nadat missionarissen ooit eens voet zetten in hun leefgebied. Maar tegelijkertijd speelt animisme ook een grote rol. De verering van voorouders en de geestenwereld zijn zeer sterk aanwezig in hun doen en denken.

Aapjes kijken

Het voelt als aapjes kijken. De vrouwen die elke dag als attractie door drommen toeristen worden aangegaapt die de vele ringen willen zien. Het is een attractie die niets te maken heeft met het echte leven van deze Paduang. Ze vormen maar een kleine groep in Noord-Thailand, komen oorspronkelijk uit Myanmar waar ze worden onderdrukt en hebben geen nationaliteit. Ze wonen zowel in de laagvlaktes als in de bergen van de provincies Chiang Mai, Mae Hong Son en Chiang Rai. Ondanks dat ze stateloos zijn mogen hun kinderen wel naar Thaise scholen, maar verder hebben ze geen toegang tot officiële voorzieningen. Een reguliere baan is daarom vrijwel onmogelijk, behalve illegaal. Ze worden slechts gedoogd, sommige dorpen bestaan al meer dan 50 jaar.

Giraf-vrouwen

Volgens Trefpunt-Azië-fotograaf Lode Engelen, die met enkele van deze mensen in gesprek ging en de foto’s aanleverde, zijn ze eigenlijk best wel tevreden met hun leven. Zij voelen het niet als aangegaapt worden, zijn trots op hun ringen en tradities. En, belangrijk, het is een noodzaak geworden, ze hebben het geld nodig dat ze verdienen met de verkoop van de souvenirs en hun weefwerk. De vrouwen dragen vanaf hun vijfde jaar vijf koperen ringen om hun nek. Naarmate ze ouder worden komen er steeds meer bij. Het lijkt alsof de nek steeds langer wordt, vandaar de naam Longneck oftewel giraf-vrouwen. Het is niet de nek die wordt uitgerekt, het zijn juist de schouders die naar beneden gedrukt worden. De ringen zijn een traditioneel onderdeel van hun leven , beweren ze, en die worden nooit afgedaan.

Schoonheidsideaal of bescherming?

Het is niet duidelijk waarom ze de ringen dragen. Maar dat weten ze volgens mijn gids zelf ook niet. Vermoedelijk is het een schoonheidsideaal. De vrouw met de meeste ringen wordt gezien als de grootste schoonheid. Een ander verhaal vertelt dat de mannen hun vrouwen op deze manier wilde beschermen voor aanvallen van tijgers. Die konden zo niet bij de nek, voor dit roofdier dé plek om zijn prooi zo snel mogelijk te doden. Naast om de nek dragen de vrouwen de versierselen ook om armen en benen.

Niet iedereen houdt zich aan de traditie. Maar wie die de ringen wel draagt krijgt daarvoor een kleine vergoeding van de overheid. Dit om het toerisme in stand te houden. Ik maak een paar foto’s, het Spaanse stel laat zich een ring aansmeren en dan snel terug naar de bus. “Nu nog, een ‘traditioneel’ dorpje, de waterval en de warmwaterbronnen verderop in de bergen”, zegt de gids. En dan mag ik daarna  naar een koud biertje op een terras bij mijn guesthouse.

Foto’s: Lode Engelen 

 

Tags:

1 reactie op “Een bezoek aan het Longneck-volk. Cultuur of aapjes kijken?”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *