Meteen naar de inhoud

Thailand: De sfeer van reggae in Pai is niet te evenaren

Ik zal het nooit vergeten. Het idyllische plaatsje Pai in Noord-Thailand. Waar de sfeer van reggae in de lucht hangt. Het was vlak voor de eeuwwisseling. Ik reisde met de nachttrein van Bangkok naar Chiang Mai, had een onfortuinlijk avontuur in een grot bij Mae Hong Son en arriveerde met de bus in dit backpackersoord.

Ik herinner mij dat ik meteen verkocht was toen ik de bus uitstapte en de Nomad-rugzak op mijn rug slingerde. Het was de sfeer, de jungleachtige omgeving, de bergen in de verte, de vertraagde tijd en vooral omdat ik nog net de hippieachtige sfeer van de jaren zestig heb meegemaakt. En die proefde ik daar meteen. Met Bob Marley als een van de ambassadeurs. Soms als ik zijn muziek hoor, waan ik mijzelf weer in een van die barretjes. Want Pai, dat was voor mij reggae en reggae dat was Pai.

Foto: Lode Engelen

Aanlegplaats backpackers
Het is maar een klein dorp, 137 kilometer ten noordwesten van Chiang Mai, dat je in een half uur wel gezien hebt. Een aanlegplaats voor backpackers en andere reizigers die er langer dan gepland blijven ‘hangen’. Met een oogstrelende natuur om je heen, een bijna tastbare rust die als een tovenaar bezit van je neemt en een relaxte sfeer die je vastpakt en je niet meer loslaat. Het waren de barretjes waar reggae-muziek uit grote speakers de bezoekers verwelkomde en een illusie van eeuwige vrijheid en broederschap beloofde die mij aantrokken. Mij in aangenaam zwoele sensuele sferen bracht waarvan het maar moeilijk loskomen was. Elke dag was er wel ergens livemuziek te horen die mijn oren streelde in de hangmat, op de zitzak, aan de bar, of whatever. Bier en muziek, tot lang nadat de zon zijn laatste stralen had ingepakt.

Eetstalletjes
Er was natuurlijk meer dan alleen muziek en relaxen. Er moest ook goedkoop gegeten worden, ik was niet voor niets een backpacker met baard en lange haren. Elke avond kreeg de ‘dorpsstraat’ in het centrum een ware metamorfose. Met de komst van de schemer werd de avondmarkt opgebouwd en de eetstalletjes in een snel tempo neergezet. “Probeer de vegetarische loempiaatjes eens”, vertelden ingewijden mij.
Om van de uitzichten die het stadje omringen te genieten maakte ik een boottrip over de Pai-rivier. Met een paar hostel-vrienden huurden we een bootje met gids. Of reden met een tuk-tuk naar het volgend dorpje en lieten ons terugvaren. En dan is er de ‘canyon’ waar je volgens reisbijbel Lonely Planet echt even een kijkje moet nemen. Acht kilometer buiten het dorp. Met echt rood gesteente, net als de Grand Canyon in de VS. Tegen zonsondergang erg spectaculair.

Reggae Festival
Ik ben niet van klauterpartijen, jungletochten en afdalen in een grot. Geef mij maar verpozen in de kleurrijke keuze aan muziekbarretjes die Pai toen rijk was en nu nog is. Zoals Edible Jazz, een jazzcafé in de buitenlucht met regelmatig jamsessions en elke avond livemuziek. Voor veel reizende muzikanten een kans om hun talenten tonen. Bestaat nog steeds, zo schijnt. En eindig dan de avond in bijvoorbeeld de Irie (reggae) Bar die er volgens Facebook ook nog is. Daarnaast heeft het plaatsje het jaarlijkse Pai Reggae en Ska Festival. Door Corona stilgelegd, maar wie weet volgend jaar weer kicking and alive.

De loomheid van Pai
De neiging om me voor altijd te koesteren in de loomheid van Pai sloeg toe. Dat resulteerde in een nare, door bier gevoede droom. Ik keek op mijn ticket van Thai Airways en ontdekte dat ik drie dagen geleden al naar huis hand moeten vliegen. Ik schrok wakker, wist even niet meer waar ik was, tuurde in het donker, zag de contouren van mijn rugzak en vloog onder mijn laken vandaan.

In de verte hoorde ik het eerste zonsopganggekraai van een haan. Ik diepte mijn reispapieren uit de moneybelt en zag dat ik nog vier weken te gaan had. Morgen uitchecken en via Chiang Mai naar Bangkok vliegen, bedacht ik mij. Daar heb ik afgesproken in een guesthouse. Ik moet helaas verder, maar Pai ben ik nooit meer vergeten.

Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.